Brabantse kinderopvang: personeelstekort stabiel, maar wachtlijsten blijven

18 sep , 00:00Nieuws
MedRes_UWV00007850_Pers- en mediafotografie
UWV
Er is al geruime tijd sprake van een personeelstekort in de kinderopvang en de verwachting is dat dit tekort de komende jaren toeneemt. Tegelijkertijd is de laatste jaren het aantal werknemers in de sector sterk gegroeid. De personeelsvraag biedt kansen voor werkzoekenden.
De spanning op de Noord-Brabantse arbeidsmarkt voor (pedagogisch) medewerkers in de kinderopvang is al een tijd stabiel. Het aantal vacatures ligt in de provincie al sinds medio 2024 rond de 400. Zo ook in het tweede kwartaal van 2026, toen lag het aantal openstaande vacatures op 410. Daarmee zijn er ruim 4 openstaande vacatures per kortdurende werkzoekende in Noord-Brabant met een beroep in de kinderopvang.
Wachtlijsten
Ongeveer tweederde van de dagopvang en van de buitenschoolse opvang in Nederland heeft een wachtlijst voor ouders. Dat blijkt uit een peiling door ‘Kinderopvang Werkt!’. Kinderopvangorganisaties die aangeven wachtlijsten te hebben, geven aan dat deze vooral voor de dinsdag, donderdag en (in mindere mate) maandag zijn.
Groei aantal banen in kinderopvang
De afgelopen jaren groeide in Nederland het aantal werknemersbanen in de branche voor kinderopvang van 110.000 werknemersbanen begin 2021 naar ruim 131.000 eind 2025. Dit is een groei van bijna 20% in 5 jaar tijd. Het aantal werknemersbanen is exclusief gastouderopvang, die bijna geheel uit zzp’ers bestaat. Deze groei is onderdeel van een langere trend. Het aantal werknemers neemt al sinds de 2e helft van 2015 toe, 11 jaar geleden waren er in de kinderopvang nog 78.000 werknemers. Ondanks de sterke personeelsgroei in de kinderopvang, was deze groei onvoldoende om de personeelstekorten volledig op te vangen. Wel namen de tekorten iets af en zijn deze in het najaar van 2025 niet meer zo groot als in 2022. Maar een landelijk personeelstekort van bijna 7.000 personen is nog steeds substantieel.
Groeiverwachting
Vanaf 2029 wil het kabinet de kinderopvang voor alle ouders goedkoper maken: dan verdwijnt de inkomenseis die momenteel een voorwaarde is voor de hoogte van de vergoeding en wordt de vergoeding rechtstreeks aan de opvang uitgekeerd. Door dit plan van het kabinet om de kinderopvang voor werkende ouders bijna gratis te maken, kan de vraag naar kinderopvang en daarmee het tekort aan (pedagogisch) medewerkers kinderopvang toenemen
De branche staat de komende jaren voor een opgave om aan de personeelsvraag te kunnen voldoen. Voor de kinderopvang voorspelt ABF Research dat het personeelstekort sowieso doorgroeit naar ruim 17.000 personen in 2030 en verder naar 27.000 personen in 2035. Wanneer ABF Research rekening houdt met het scenario waarin de kinderopvang vanaf 2029 bijna gratis wordt voor alle ouders, dan groeit het tekort naar ruim 25.000 personen in 2030 en naar bijna 37.600 personen in 2035. Dat is ruim 10.000 meer dan in het scenario zonder (bijna) gratis kinderopvang. Het verwachte tekort is niet uitsluitend op te lossen met de uitstroom vanuit het initieel onderwijs, het aantrekken van zij-instroom is daarbij ook van belang. Voor geïnteresseerden die aan de slag willen in de kinderopvang zijn de baankansen dus over het algemeen goed.
Werkzoekenden met WW
Brabantse werkzoekenden met een kinderopvangberoep die in juli 2026 een WW-uitkering ontvingen, hebben voornamelijk een MBO4-diploma (30%). Qua leeftijd vormen 25 tot 35-jarigen de grootste groep (34%), gevolgd door de leeftijdscategorie 35-45 jaar (28%).
Initiatieven in de praktijk
Om de personeelstekorten in de kinderopvang aan te pakken, bieden diverse kinderopvangorganisaties in Noord-Brabant BBL- en zij-instroomtrajecten aan. Zo heeft Kober, met ruim 200 locaties in West- en Midden-Brabant, een zij-instroomtraject voor mensen die al beschikken over een relevant diploma, maar nog niet volledig gekwalificeerd zijn om in de kinderopvang te werken. Zij kunnen een verkorte opleiding volgen die gemiddeld vier maanden duurt.
Suzanne Ruskus, stagecoördinator afdeling HR bij Kober: “Geïnteresseerden starten met een kennismakingsgesprek en een diplomacheck. Het taalniveau 3F is een wettelijke eis en blijkt voor veel kandidaten nog een uitdaging. Dankzij de samenwerking met UWV en gemeenten kunnen we extra taallessen aanbieden. Daarnaast hebben we een aantal medewerkers in dienst die zijn begonnen als groepsondersteuner en vervolgens via een BBL-traject zijn doorgestroomd naar de functie van pedagogisch medewerker.” Het BBL-traject duurt gemiddeld 1,5 tot 2 jaar.
Zij-instroom en overstapberoepen
Vanuit welke beroepen maakten mensen de overstap naar de kinderopvang? UWV beschikt over unieke gegevens uit het arbeidsverleden van de afgelopen jaren van werkhervattingen van uitkeringsgerechtigden. Met deze gegevens zijn de meest voorkomende loopbaanwisselingen uit de afgelopen jaren in kaart gebracht. Twee op de vijf personen die als werkzoekende bij het UWV stond ingeschreven en daadwerkelijk aan de slag gingen als pedagogisch medewerker kinderopvang, beoefende daarvoor ook dit beroep uit. Ongeveer één op de tien komt uit de zorg- en welzijn-sector.
Door personen die bij UWV stonden ingeschreven wordt het vaakst overgestapt naar een baan als pedagogisch medewerker kinderopvang vanuit de volgende beroepen:
  • Verkopers (vooral detailhandel en kassamedewerkers)
  • Sociaal werkers, groeps- en woonbegeleiders
  • Administratief personeel (vooral receptionisten/telefonisten en administratief medewerkers)
  • Medewerkers bediening horeca
  • Verzorgenden
  • Hulpkrachten transport en logistiek (vooral magazijn- en expeditiemedewerkers & orderpickers en vakkenvullers & winkelassistenten)
  • Schoonmakers
  • Onderwijsassistenten
  • Leraren
De krapte op de arbeidsmarkt voor de kinderopvang biedt niet alleen kansen voor de WW’ers, maar voor alle werkzoekenden die in de sector aan de slag willen. Voor zij-instroom kan er bijvoorbeeld naar mensen met een arbeidsverleden in de genoemde beroepen worden gekeken.
Scherm­afbeelding 2026-09-17 om 14.01.06
UWV
Scherm­afbeelding 2026-09-17 om 14.01.15
UWV
Ontwikkeling ww-uitkeringen
In Noord-Brabant waren er 30.125 lopende WW-uitkeringen in augustus 2026. Dat is een stijging van 0,1% ten opzichte van de vorige maand, in Nederland steeg het aantal WW-uitkeringen met 0,3%.
Scherm­afbeelding 2026-09-18 om 07.20.01
UWV
loading

Loading articles...

Loading